De pyjama van Sander Dekker

Weleens nagedacht over de pyjama van Sander Dekker? Dat kan je zomaar overkomen als je op een zomerse dag op het strand ligt.

Terwijl in Nederland de sneeuwvlokken vallen en de ijskrabbertjes klinken, kijk ik over het strand van Cala D’or uit naar een geschikt plekje voor mijn badlaken en mij. Ik waag het erop om een stukje territorium af te bakenen naast twee dames die, zo schat ik in, weleens de toiletdames van een plaatselijk warenhuis op Mallorca kunnen zijn.
“Hola” groet ik met mijn allerbeste Spaans en de vriendelijke glimlachen terug belooft dat dit een heerlijke middag zonder zorgen wordt in de zon van Mallorca.

Na wat insmeren, frisbeeën met zoonlief (veel frisbee rapen trouwens) en taartjes bakken met dochterlief plof ik neer op mijn badlaken. Ik kan rustig beginnen aan mijn ‘Vee Ietje’ (zo noemen mannen de Voetbal International nou eenmaal). Als ik na een tijdje helemaal op de hoogte ben, kan ik zonder enige gêne overstappen van de stadiontests in Nederland naar editie 141 van de Linda (jazeker, ook voor mannen).
Mijn ogen worden al snel zwaarder en niet veel later doezel ik in met wat literair Linda gedachtengoed rijker; Een pyjama is niet geil, het zit wel comfortabel, maar geil? Nee. En Isa Hoes baddert erop los en heeft er wel weer eens zin in…

Mijn gedoezel wordt onderbroken door voetstappen die, zo lijkt het, mijn rechteroor naderen. Wat tellen later wordt dat bevestigd en klinkt het spontaan: “Dag buurvrouw!” ” U bent toch onze buurvrouw van het appartement. Nummer 25, toch?”
Hier had mijn rechteroor niet op gerekend en ik kan het niet laten om even over mijn zwarte zonnebril heen te gluren naar wie of wat zich zowaar op de grens van mijn territorium heeft weten te wagen.
Er staan twee witte, mollige, naar wat zon hunkerende benen voor mijn neus, afgekleed met net iets te hoge, onder het witte zand zittende, zwarte sokken in bruine sandalen.

“Hallo, dag buurjongen. Klopt, nummer 25. Wat bijzonder dat jij ons herkent” zie en hoor ik de twee “Spaanse” dames terug zeggen.
Ik parkeer mijn ogen weer achter mijn bril, en lach inwendig over mijn inschattingsfoutje over de Nederlandse dames.

Ik probeer me te concentreren op de zeegeluiden, ware het niet dat mijn rechteroor opnieuw herkenbare trillingen waarneemt. Zusjelief van de buurjongen komt aanslenteren en al snel lijkt dit een soort chemische reactie van gespreksstof op gang te brengen. De Nederlandse toiletdames lijken het aangenaam te vinden.

Het concentreren op de zeegeluiden lukt mij maar half, want flarden aan teksten vliegen met het zeebriesje mijn kant op.
“Ik ben vroeger gepest”.
“Ik weet ook wel dat ik er niet uitzie als gemiddeld”.
“Ik ga mijn eigen weg”.
“Ik ga de Pabo doen en dan zal ik ze laten zien dat ik het wel kan”.
“Ik ben het niet eens met het beleid van Sander Dekker”.
“Kent u die? Sander Dekker”?

Mijn zwarte zonnebril kan niet voorkomen dat ik op dit mooie stukje strand van Mallorca de krullen en de te aanwezige bril van Sander Dekker op mijn netvlies krijg.
Sander Dekker in je hoofd, op vakantie. Zucht.
Draagt hij een pyjama? Vast wel. Streepjes?

Een goed moment om de frisbee te pakken! Mijn zoon is Sander Dekker dankbaar.
Het blijkt dat ik en kan frisbeeën en gefocust kan blijven op het gesprek.

Jongen: “Ik doe mijn eigen ding als ik voor de groep sta”.
Dame 1: “Het onderwijs is als een zee van golven. Wij hebben alles al eens meegemaakt”.

De Verrassendste wending van de dag blijkt niet te zijn dat de twee Spaanse dames Nederlanders zijn, maar werkzaam zijn als juf in het basisonderwijs. Daarmee zet ik mezelf lekker neer met mijn vooroordelen.

Jongen: “Mij maken ze niet gek”.
Dame 2 “Nee, ons ook niet meer”.
Dame 1: “Je bent in het onderwijs als een matroos op een schip”.
Dame 2: “Veer maar een beetje mee op de golven, dan komt het wel goed”.
Zusje: “Ik zou liever aan het roer staan”.
Jongen: “Meeveren met het beleid van Sander Dekker? Ik denk er niet aan”.
Dames: Ze lachen wat.
Jongen: “Wat er ook gebeurt. Ik blijf vooral mezelf”.

De frisbee landt voor de zwarte sokken met daarboven al iets minder witte benen van de jongen.
Ik plaats mijn bril ergens tussen mijn vroeger nog zwart uitziende krullen. Steeds kon ik de verleiding weerstaan om wat nuances in het gesprek aan te brengen. Maar nu hoorde ik mezelf zeggen: “En vooral dat is belangrijk in het onderwijs. Echt zijn”.

Na deze intensieve arbeid en wijze bevestiging nestel ik mij weer op mijn badlaken.
De jongen besluit om zich te ontdoen van de zwarte sokken en de bruine sandalen en nodigt zusjelief uit voor een frisse zee duik.

Het ritme van de brekende golven keert terug en ook de ruis van de zeewind danst mijn rechteroor weer in. Heerlijk. Ik geniet nog even van de laatste zonnestralen op mijn wang en ik doezel langzaam weg.
Wat een mooie les! Echt zijn… In het onderwijs of op welke andere plek dan ook.

Het zou een goed artikel voor de nieuwe Linda kunnen zijn. Weer eens wat anders dan de pyjama die niet geil is.

“Mooi jong” hoor ik de toiletdame nog zeggen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *